Avonturen in Cambodja – Deel 3: Loodzware jungle trek

08-04-2017 (dag 11)

Vandaag zou ik vertrekken uit mijn houten huisje en naar Sen Monorom wandelen om te kijken of ik daar nog ergens terecht kon. Rond een uur of 9 was ik bijna klaar om te gaan, alleen mijn backpack moest nog even ingepakt worden. Omdat ik er alleen wat vuile kleren uit had gehaald om te wassen, en ik die opnieuw had gedragen, had ik mijn backpack een paar dagen lang met rust gelaten. Slecht idee… Omdat er nogal wat gaten in het huisje zaten, zag ik regelmatig beestjes rondlopen door het huisje (zelfs een boomkikker in de badkamer!). Nu bleek dus dat die beestjes, mieren om wat specifieker te zijn, mijn backpack tot mierennest hadden omgetoverd! Al mijn kleren, handdoeken, andere spullen; alles zat onder de mieren. En niet van die kleintjes, nee, enorme zwarte mieren! Een soort die mij een paar dagen geleden al op pijnlijke wijze kennis had laten maken met hun angels! Anderhalf uur ben ik bezig geweest om al mijn spullen afzonderlijk uit te schudden en af te kloppen, intussen oplettend dat de mieren niet te dicht bij mijn handen in de buurt kwamen. Vele honderden waren het, en zelfs een heleboel larfjes die verstopt zaten tussen mijn kleren. Wat een nachtmerrie… Compleet gestrest heb ik het park verlaten en ben ik naar Sen Monorom vertrokken. Ergens halverwege werd ik echter geroepen door een Cambodjaanse man, die in zijn tuin zat met wat vrienden: of ik zin had om erbij te komen. Natuurlijk, waarom ook niet? Onder het genot van iets te veel shotjes rijstwijn en vlees van de barbecue hebben we de hele middag mooie gesprekken gevoerd. ’s Avonds nam hij me mee naar een groot feest met veel lekker eten en muziek (enkele populaire liedjes kunnen jullie hier, hier en hier beluisteren). Echt enorm leuk, ik was de enige buitenlander op dat feest (tussen een paar honderd Cambodjanen), iedereen wilde met mij dansen! Laat op de avond ben ik met mijn pas ontmoete vriend en zijn vrouw naar hun huisje gegaan en heb ik daar geslapen. Aan gastvrijheid geen gebrek!

 

09-04-2017 (dag 12)

De volgende dag ben ik dan alsnog naar Sen Monorom gegaan, waar ik al snel een hostel vond. Nadat ik mijn backpack daar had achtergelaten, besloot ik richting Doh Kromom Mountain te gaan, een berg met een mooi uitzicht en een tempeltje. Daar werd ik door een groep jongeren wederom uitgenodigd om er gezellig bij te komen zitten en wat mee te eten (en drinken…). Hier heb ik de gekste dingen gegeten, maar omdat niemand goed Engels sprak, weet ik alleen dat ik kikkers heb gegeten, de rest blijft een mysterie. Na een paar uur vond ik het mooi geweest en besloot ik terug naar mijn hostel te wandelen (eigenlijk meer wankelen…). Langs het pad zag ik plotseling een prachtig vlindertje in het gras zitten, een ‘club silverline’ (Cigaritis syama). Verrassend genoeg was ik nog in staat om een scherpe foto te maken!

De ‘club silverline’ in het gras op Doh Kromom Mountain

Tegen de tijd dat ik mijn hostel bereikte was het al bijna donker. Ik heb nog wat gegeten en ben naar bed gegaan.

 

10-04-2017 (dag 13)

Gisteren had ik me opgegeven om mee te gaan naar het Elephant Valley Project en een jungle trek te doen. Het Elephant Valley Project is een project dat als doel heeft olifanten die gebruikt zijn als lastdieren een goed leven te geven. Vroeg in de ochtend werd ik dus opgehaald en ben ik naar een klein dorpje in de bergen gebracht, Putang Village, waar ik ook zou overnachten. Vandaar was het nog een kort ritje met de auto en een wandeling van een half uur om bij de olifantenvallei te komen. Op het moment hebben ze slechts 3 olifanten, maar in de toekomst willen ze dat uitbreiden. In het bos mocht ik de olifanten voeren en aaien, wat zijn het toch mooie dieren…

Een Aziatische olifant van het Elephant Valley Project

Na een tijdje met de olifanten door het bos rondgelopen te hebben, was het tijd voor de lunch. Omdat ik vrij snel klaar was, en ik op de anderen moest wachten, heb ik mijn camera nog even gepakt. Langs de oever van het beekje was een van de olifanten zich precies aan het wassen op dat moment!

Deze Aziatische olifant wast zichzelf met het water uit de beek

Maar olifanten waren niet de enige dieren bij het water: er vlogen ook veel waterjuffers. Ze waren niet erg opvallend of mooi gekleurd, dus besloot ik mijn aanpak een beetje te veranderen: Ik heb alle onderdelen van de foto uit de focus gelaten, maar als je goed kijkt zijn de boomwortels, het blad, de waterjuffer en het stromende water in de achtergrond toch redelijk herkenbaar. Persoonlijk vind ik het wel een interessant beeld geworden. Of in ieder geval creatief!

Alles onscherp, maar toch herkenbaar. Lekker Creatief!

Later op de dag ben ik nog gaan zwemmen met de olifanten en heb ik ze gewassen, wat een unieke ervaring was dat! Helaas heb ik er geen foto’s van, maar mijn fotografisch geheugen is behoorlijk goed gevuld die dag! Toen ik weer terugkwam in het dorpje ben ik nog betrokken bij een of ander ritueel met rijst, palmbladeren, ingewanden en nog wat vreemde voorwerpen. Geen idee waar het voor diende, maar bijzonder was het zeker! Omdat de volgende dag een Fransman zou vertrekken, die een jaar in Putang Village had gewoond, was er die avond een groot feest, waarin ik weer veel gedanst heb en de drank rijkelijk vloeide. Die nacht heb ik geslapen in een hangmat in een houten schuur. Echt back to basic!

11-04-2017 (dag 14)

Jippie, vandaag zou ik eindelijk de jungle trek doen waar ik me zo op had verheugd! Na een uitgebreid ontbijt met veel fruit ben ik de jungle ingetrokken. Daar ben ik over lastige paadjes gelopen, langs afgronden, door een snel stromende rivier, bijna overal heel erg steil… Soms zag je tussen de bladeren op de grond een zwart sprietje heen en weer bewegen: dat waren de bloedzuigers. Mijn medewandelaars moesten telkens stoppen om ze van hun benen te verwijderen. Wat was ik blij dat ik als enige een lange broek aanhad! Na een paar uur wandelen met een temperatuur die voelde als 40 graden bereikte ik de Leng Kun waterval, een prachtig exemplaar van ruim 30 meter hoog. Omdat het geen regentijd was, stroomde er wat minder water dan gewoonlijk, maar voor mij is elke waterval indrukwekkend!

De Leng Kun waterval, door een lange sluitertijd te gebruiken is de val van het water goed te zien

Hier heb ik ook geluncht en zelfs even gezwommen. Natuurlijk was ik weer die gek die direct onder het vallende water ging staan, wat toch behoorlijk hard op je neerkomt als het van zo’n hoogte valt… Daarna was het tijd om de wandeling te vervolgen. Veel tijd om foto’s te maken heb ik niet gehad, maar voor deze bidsprinkhaan die ik ontdekte op een boom móést ik even stoppen. Het beestje had een perfecte schutkleur, maar blijkbaar niet perfect genoeg… Helaas stond de boom aan de rand van een steile afgrond, dus heb ik geen foto van die camouflage kunnen maken, maar ik heb wel een foto waarop de bidsprinkhaan denkt dat hij nog niet is gezien…

“Zou die gast me zien? Vast niet…”

… en eentje waarop hij weet dat hij door mij gespot is!

“Oké, hij ziet me dus wel. Wegwezen!”

Daarna is mijn camera niet meer uit mijn tas gekomen die dag. Na een lange tocht ben ik vanuit Putang Village weer naar mijn hostel in Sen Monorom gebracht. Wat een geweldige dagen waren het geweest. Die jungle trek was letterlijk het zwaarste wat ik ooit heb gedaan, maar spijt? No way!

 

12-04-2017 (dag 15)

’s Morgens vroeg heb ik de bus genomen naar Siem Reap, een stad die vlakbij de beroemde tempels van Angkor ligt. Ondanks de hoge toegangsprijs wilde ik dit werelderfgoed toch graag bezoeken, ik blijf immers een toerist. Na een lange rit kom ik ’s avonds laat pas bij mijn hostel in Siem Reap aan.

 

13-04-2017 (dag 16)

Ik heb besloten om Angkor een dagje uit te stellen en eerst de stad zelf eens te bekijken. Ik heb veel winkels bezocht, bijzonder lekkere noedels gegeten bij een straatkraampje en heb souvenirs gekocht op de night market.

 

14-04-2017 (dag 17)

Met een tuktuk heb ik 3 van de mooiste (en helaas ook meest toeristische) tempels van Angkor bezocht: Angkor Wat, de Bayon en Ta Prohm. Angkor Wat is de meest beroemde tempel van het complex, maar de brandende zon en het feit dat ik er nauwelijks kon lopen door de grote hoeveelheid toeristen maakten dat ik er maar bar weinig aan vond. Natuurlijk was het indrukwekkend, maar ik ben nou eenmaal meer een natuurmens dan een cultuurmens. De Bayon vond ik al een stuk mooier: de grote stenen gezichten waar de tempel bekend om staat waren fantastisch! Ten slotte was Ta Prohm aan de beurt, een tempel die ergens midden in de jungle ligt. Deze tempel is vooral bekend vanwege de vele en grote boomwortels die over grote delen van de tempel groeien. Ta Prohm is bij het grote publiek bekend geworden toen het als locatie werd gebruikt in de film ‘Tomb Raider’ met Angelina Jolie en heet sindsdien dan ook officieus ‘Tomb Raider Tempel’. Bij de ingang werd ik al verwelkomd door deze prachtige oranje vlinder, de ‘little yeoman’ (cirrochroa surya).

De ‘little yeoman’ op een boomstam bij Ta Prohm

Wat een ongelofelijk mooie tempel wat dat! Overal in de tempel groeien Tetrameles nudiflora (een boom zonder Nederlandse of Engelse naam) en de wurg-vijgenboom, wat het geheel een heerlijk ruige uitstraling geeft. Normaal plaats ik hier nooit foto’s als er ook maar iets op staat dat niet natuurlijk is, maar voor deze ene keer maak ik een uitzondering. In dit beeld, dat ik naar zwart-wit heb omgezet, is eigenlijk de essentie van de tempel te zien: een vervallen bouwwerk dat door de natuur wordt terugveroverd!

De Ta Prohm tempel, die aan de natuur is teruggegeven

Terwijl ik de tempel verliet, viel mijn oog op een boom met een donkere onderkant. Toen ik wat dichterbij ging kijken, bleken op het onderste deel van de stam duizenden roofwantsen te zitten! Geloof me maar als ik zeg dat al de kevers op de foto nog maar een klein deel van het indrukwekkende geheel zijn!

Een grote groep roofwantsen op een boom bij Ta Prohm

Daarna ben ik weer teruggekeerd naar de stad, nog steeds onder de indruk van alles wat ik gezien had. ’s Avonds was het weer eens tijd om te feesten: het was namelijk Khmer New Year! Dat vieren ze niet met vuurwerk zoals hier, maar met waterpistolen en babypoeder. Ik heb een geweldige avond gehad en veel gedanst, maar achteraf bleek dat babypoeder toch tamelijk lastig om uit je kleren te krijgen…

 

15-04-2017 (dag 18)

Ik heb het rustig aan gedaan op mijn laatste dag in Siem Reap. Het grootste deel van de dag heb ik wat rondgelopen door de stad. Ik had graag naar Kampot willen gaan, een stadje in het zuiden van het land, maar vanwege het Khmer New Year reden er daarheen geen bussen. ’s Avonds begint er toch een nieuw avontuur voor mij: er reed namelijk wel een nachtbus naar Sihanoukville, een grote stad die redelijk in de goede richting ligt. Het leek me leuk om dat een keer te proberen: ’s nachts rijden in een bus en slapen in krappe en veel te kleine bedjes. Welterusten allemaal, tot in Sihanoukville!

2 Reacties op “Avonturen in Cambodja – Deel 3: Loodzware jungle trek

  • 11 mei 2017 at 08:36
    Permalink

    Wat een avonturen weer!

    Reply
  • 16 mei 2017 at 21:27
    Permalink

    Je hebt wel het een en ander meegemaakt! Leuk om te lezen!

    Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *