Een paar daagjes Eifelen

Het begon met een vraag van Facebook: “Quinten, zou je het leuk vinden om dit bericht van 2 jaar geleden te delen?” Het bericht in kwestie bestond uit wat vlinderfoto’s die ik destijds in de Duitse Eifel heb gemaakt, in het pre-insectenfotografiaanse tijdperk. Vlinderfoto’s die ik nu natuurlijk heel anders zou maken en die nu natuurlijk veel mooier zouden worden. Daarom zocht ik een paar goedkope hotelletjes uit en ben ik zondag naar de Eifel vertrokken: effe lekker een paar daagjes Eifelen!

Ik had 5 gebieden op het programma staan, waar ik ook 5 verschillende vlinders wilde spotten. De eerste 2 soorten heb ik helaas niet gevonden, de sleutelbloemvlinders zaten te goed verstopt en voor de veenbesparelmoervlinders was ik waarschijnlijk net iets te vroeg. Wel stond het gebied bij Blankenheim waar ik de sleutelbloemvlinders had gezocht vol met de prachtige grote muggenorchis en grote keverorchis, van die eerste soort heb ik een abstracte foto gemaakt waar ik zelf erg blij mee ben: alles onscherp en lekker licht van kleur. Ik had natuurlijk ook scherpe foto’s gemaakt, maar vond die persoonlijk veel minder interessant om naar te kijken.

Zachte pasteltinten en totale onscherpte, ik vind hem geslaagd!

De derde vlinder die ik wilde zien was de moerasparelmoervlinder in het Rohrvenn. Ik had deze vlinder nog nooit gezien, maar hij stond al best een tijdje hoog op mijn verlanglijstje. Eigenlijk was ik wat te laat voor de moerasparelmoervlinders, want alle exemplaren die ik zag, waren behoorlijk afgevlogen. Dan maar even aan de slag met een mannetje rode vuurvlinder (soort 5, waar ik eigenlijk een ander gebied voor had uitgezocht, maar die hier ook bleek te vliegen!), die zijn vleugels mooi opende in het zonlicht. Net als de moerasparelmoervlinder is deze soort uitgestorven in Nederland, altijd leuk om ze tegen te komen dus.

De kleurrijke mannelijke rode vuurvlinder in het Rohrvenn

Op mijn terugweg naar de auto had ik wel heel veel mazzel: een moerasparelmoervlinder, de minst beschadigde die ik had gezien die dag, zat met zijn vleugels open op een gevlekte orchis! Mijn dag kon niet meer stuk!

Enigszins afgevlogen, maar nog steeds een erg mooi beestje!

Maandagochtend heb ik onderweg naar gebied 4 nog een tussenstop gemaakt bij het Rohrvenn, je weet maar nooit wat je aantreft… Gelukkig maar, want al gauw ik vond een nog slapende moerasparelmoervlinder. Even in de schaduw zetten, heel erg overbelichten en je hebt een leuk plaatje!

Een slapende moerasparelmoervlinder, ook met gesloten vleugels zijn ze bijzonder mooi

Daarna ben ik doorgereden naar mijn volgende bestemming: het Perlenbachtal. Dit was de plek waar ik een paar jaar geleden ook was geweest en waar ik voor het eerst kennis had gemaakt met de zeldzame blauwe vuurvlinder. In heel Europa staat deze vlinder zwaar onder druk, waardoor hij nog maar op een paar plekken voorkomt. Het mooiste aan de blauwe vuurvlinder zijn de schubjes op de vleugels, die onder de juiste invalshoek van het licht blauw reflecteren, echt uniek! Twee jaar geleden had ik dit wel op de foto gekregen, maar was de vlinder grotendeels onscherp geweest. Bij mijn poging van maandag is dat beter gelukt, hoewel de vlinder nog steeds niet blauw genoeg is naar mijn smaak.

De blauwe vuurvlinder, toch wel een van de mooiste vlinders die Europa rijk is

Verder vlogen er in het dal veel ringoogparelmoervlinders. Ook dit is een soort die in Europa (buiten Scandinavië) een erg lokaal voorkomen heeft, maar omdat de waardplant dezelfde is als die van de blauwe vuurvlinder (adderwortel) kun je in het Perlenbachtal nog van beide soorten genieten. Van de ringoogparelmoervlinders weet ik uit ervaring dat ze enorm makkelijk te fotograferen zijn: de vlinders blijven vaak lang op één bloem zitten en blijven daar dan op rondlopen tot ze alle hoeken gehad hebben. Bovendien zijn ze enorm fotogeniek, dus elke foto die je maakt, valt op z’n minst in de categorie ‘behoorlijk mooi’. Aan mij dan dus de taak om die categorie te ontstijgen, maar dat blijkt dan toch ook weer lastiger dan gedacht…

Niet mijn beste foto, maar toch wel ‘behoorlijk mooi’ genoeg voor de website

Daarna besloot ik op zoek te gaan naar een mooi uitzichtpunt dat ik me nog herinnerde van de vorige keer. Dat heeft me even wat moeite gekost, maar dan heb je ook wat… Wel lastig om er een spannende foto van te maken als de lucht grijs is, maar het uitzicht is gewoon zo fantastisch!

Uitzicht op een deel van het Perlenbachtal

Nu ik de variatie in dit blogje met deze landschapsfoto iets heb opgeschroefd, vind ik het wel weer tijd om terug te keren naar de vlinders. Dit keer is het boterbloempje, een leuk nachtvlindertje uit de familie van de spanners, aan de beurt. Persoonlijk vind ik dit mijn meest geslaagde vlinderfoto van de trip: het is een leuk vlindertje, de kleuren vullen elkaar goed aan en de plant voegt wat structuur toe aan de foto.

Het boterbloempje, verstopt achter een plant

Inmiddels begon het steeds harder te waaien en begon ik het fris te krijgen met mijn korte mouwen. Ook veel vlinders hadden er genoeg van en zochten een rustplekje op in afwachting van beter weer. Vlak voordat ik het gebied weer ging verlaten, maakte ik nog een detailfoto van een rustende ringoogparelmoervlinder, waarop de vleugeltekening goed te bewonderen is.

De bijzonder mooie vleugels van de ringoogparelmoervlinder

Op de dag dat ik naar huis ging had ik eigenlijk ’s ochtends vroeg op willen staan om slapende, met dauw bedekte blauwe vuurvlinders te fotograferen bij zonsopkomst. Toch besloot ik dit niet te doen, ik had immers nog een ritje van een paar honderd kilometer voor de boeg en omdat ik nog niet bijster veel rij-ervaring heb, wilde ik daar graag fris voor zijn. Daarom ben ik helaas niet meer naar het Perlenbachtal geweest, maar ben ik vanuit het hotel naar mijn laatste locatie gereden: de Schlangenberg, waar ik heen wilde voor de rode vuurvlinders. Ook dit gebied kende ik al van paar jaar geleden, waardoor ik de interessante plekken nog redelijk goed wist te vinden.

Een vrouwtje rode vuurvlinder op een margriet

Een andere leuke vlinder die hier vliegt is het klaverblauwtje. Deze soort was lange tijd uit Nederland verdwenen, maar vliegt sinds een paar jaar weer in Zuid-Limburg. Op de Schlangenberg, niet extreem ver van de Nederlandse grens, zaten er ook behoorlijk wat.

Een klaverblauwtje in het hoge gras

Op een margriet trof ik ook nog een ander leuk insect aan: de fraaie schijnboktor. Ik heb ervoor gekozen om de bloem pal in het midden van de foto te plaatsen. Ook heb ik een beetje onderbelicht, om de bloem nog eens extra te isoleren uit zijn omgeving.

Een fraaie schijnboktor op een margriet

Zoals jullie misschien wel weten zijn de hooibeestjes mijn favoriete vlinders. Vorig jaar ben ik zelfs helemaal naar Beieren geweest, vooral om het bedreigde zilverstreephooibeestje te zien. Een ander niet in Nederland voorkomend hooibeestje is het tweekleurig hooibeestje, dat je, eenmaal de grens over, in bijna elk natuurgebied wel kunt vinden. Ik had er dan ook al een heleboel gezien, maar tot mijn frustratie lukte het me maar niet om er eentje op een interessante manier in beeld te vangen. Daarom ben ik gaan kijken naar de essentie van de vlinder: wat trekt mij nou zo aan de hooibeestjes? Met die vraag in mijn achterhoofd ben ik op de Schlangenberg tot de volgende foto gekomen.

De oogvlekken en vele kleuren zijn voor mij de reden dat ik zo van hooibeestjes hou!

Tenslotte staat het gebied nog ergens anders bekend om: er zitten een hoop giftige metalen in de grond, waardoor veel planten er niet kunnen groeien. De flora op de Schlangenberg is om die reden erg bijzonder, wat bijvoorbeeld blijkt uit het massale aantal zinkviooltjes dat hier groeit. Het zeldzame zinkviooltje komt wereldwijd alleen voor in het gebied tussen Aken en Luik, en groeit alleen op zinkrijke grond. Toen ik een heideblauwtje zag zitten op zo’n bloem, liet ik me natuurlijk meteen op de grond vallen om deze vast te leggen. Voor één keer een foto met een vlinder waar het me eigenlijk om het plantje te doen is!

Een heideblauwtje op het zeldzame zinkviooltje

En met die foto is er een einde gekomen aan mijn mini-avontuur! Ik heb echter al weer plannen voor een volgende uitstapje, nu iets dichterbij huis, in het Fochteloërveen. Daar komt namelijk ook een heel bijzonder beestje voor…

2 reacties op “Een paar daagjes Eifelen

  • 16 juni 2017 at 12:29
    Permalink

    Wat zijn er ontzettend veel soorten vlinders! Nooit geweten. Door jou leren we nog wat! Prachtige foto’s alweer! Het klaverblauwtje in het hoge gras vind ik de mooiste foto! Het lijkt wel of het geschilderd is. Je hebt echt een leuk tripje gemaakt naar de Eiffel!

    Reply
    • 16 juni 2017 at 14:17
      Permalink

      Bedankt Tineke! Gelukkig is dit nog maar het topje van de ijsberg, in Europa komen namelijk meer dan 500 soorten dagvlinders voor! Ik zal dus nog wel even bezig zijn voor ik ze allemaal goed op de foto heb… 😉

      Reply

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *